Borstvoeding is de beste keus voor je baby, daar zijn alle experts volledig over eens. Wie zich erin verdiept, raakt bijna overweldigd door alle argumenten vóór borstvoeding. Maar, borstvoeding vergt ook inspanning, enige discipline en aandachtspunten. Eén van de zaken waar je rekening mee moet houden is de combinatie borstvoeding en speen: hoe gebruik je een fles- en/of fopspeen bij de borstvoeding?

Flesspeen bij borstvoeding

Tepel Speen verwarring

De belangrijkste reden die voor het afraden van een speen wordt genoemd, is de zogenaamde tepel-speenverwarring: Je baby ontwikkelt met een speen een bepaalde zuigtechniek die niet werkt bij de borstvoeding. Daarom wordt tepel-speenverwarring ook wel zuigverwarring genoemd. Dit begrip gebruikt men meestal voor een flessenspeen, maar geldt in mindere mate ook voor een fopspeen (zie fopspeen bij borstvoeding)

Zuigtechniek

Een speentje is geen tepel, dat is logisch. Het blijkt echter dat baby’s er ook anders aan zuigen.

Een baby gebruikt bij het drinken aan de borst zijn tong om de melk als het ware uit de borst te ‘masseren’. Door met de punt van de tong op de tepel te drukken, wordt de melk in zijn mondje geperst. Daarna volgt vanzelf  een slikreflex zodat je baby drinkt.

Bij een fles stroomt de melk echter vanzelf, door de zwaartekracht. Daarom gebruik baby zijn tong om die stroom te sturen. Als je baby zich dit aanleert, kan hij dit ook gaan doen als hij aan de borst ligt. Niet alleen krijgt hij dan minder melk binnen, het kan ook leiden tot pijnlijke tepels (tepelkloven) omdat je tepel tussen zijn tong en bovenkaak aangedrukt wordt.

Melkstroom

Melk uit een fles stroomt vanzelf, in een constant tempo en meestal wat sneller. Een baby gewend is geraakt aan het speentje, zal dit ook aan de borst verwachten. Maar de melkstroom is daar natuurlijk minder constant en stopt ook soms even. De baby kan zich op dat moment gaan verzetten en de tepel loslaten.

Een protesterende baby kan je soms weer aan de borst te krijgen door je borst zachtjes in de richting van de tepel te masseren. Hierdoor stimuleer je de melkproductie en krijgt je baby weer melk binnen.

Het openen van de mond

Naast dat hij een verkeerde zuigtechniek aanleert en gewend raakt aan een constante melkstroom, hoeft je baby bij een speentje zijn mond minder ver open te doen. Bij het aanleggen voor borstvoeding is het nodig dat je baby zijn mond goed wijd opent. Om dit te stimuleren kan je je baby zo aanleggen dat hij zich nog net een beetje moet rekken naar je borst. Het strekken maakt dat de mond eerder als vanzelf opengaat en de tong wordt uitgestoken. Ook is het goed om te bedenken dat als je het hoofdje licht achterover buigt, je baby meer de neigt zijn mondje open te doen. Terwijl naar voren gebogen worden juist de mond sluit.

Fopspeen bij borstvoeding

Veelal wordt het gebruik van een fopspeen gedurende de eerste zes tot acht weken afgeraden als je borstvoeding geeft. Hiervoor zijn twee redenen:

  • Je baby kan een verkeerde zuigtechniek ontwikkelen waardoor de baby niet goed zuigt en daardoor niet genoeg melk binnenkrijgt of jij last van je tepels kan krijgen
  • De zuigbehoefte kan verzadigd raken door het gebruik van een fopspeen

Als je net bent begonnen met het geven van borstvoeding kan je wel je eigen pink in het mondje van je baby stoppen om hem of haar even te sussen. Hierdoor ontwikkelt je baby geen verkeerde zuigtechniek. In de praktijk kan je overigens als de borstvoeding lekker loopt en je een beetje je ritme hebt ook al veel eerder dan 6 weken met een fopspeen beginnen.  Je moet natuurlijk wel altijd in de gaten blijven houden of je baby genoeg drinkt en hem niet te snel tevreden of stil houden met een fopspeen of pink.

Wetenschappelijk bewijs?

Vrij recent ontstond enige ophef over een wetenschappelijk onderzoek waar uit zou blijken dat er geen verband is tussen het slagen van borstvoeding en het gebruik van een speentje. Met andere woorden: de tepel-speenverwarring zou helmaal niet bestaan! De onderzoekers hebben zelf geen onderzoek gedaan, maar bestaande onderzoeken en publicaties geanalyseerd en daar hun conclusie op gebaseerd.

Op dit onderzoek is echter ook vrij felle kritiek gekomen. Onder meer is het onduidelijk of de onderzoekers nu uitspraken doen over fopspeentjes of flessenspeentjes. Daarnaast worden de conclusies in twijfel getrokken omdat de resultaten uit de meegenomen studies te divers en niet consistent zijn.

Hoe het ook zij, na enige tijd neemt het effect van een speen of fopspeen sowieso af. Het blijft wel echter belangrijk om te kijken of je baby op de juiste manier blijft drinken. Ook moet je opletten dat het mechanisme van vraag-en-aanbod niet ontregeld wordt door het rustig krijgen van je baby met een fopspeen.